Sinds 1 januari 2006 is een sectoraal pensioenfonds ingesteld voor het PC 304. Het eerste kalenderjaar was dit enkel voor werknemers van werkgevers die actief waren onder de CAO Podiumkunsten. Vanaf 1 januari 2007 werd dit ook uitgebreid met de werkgevers actief onder de CAO Muziek.
De bijdrage werd vastgesteld op 1,5% (inclusief taksen en inningskosten) van het brutoloon dat onderworpen is aan werkgeversbijdragen en is ten laste van de werkgever. De inningen worden uitgevoerd door de diensten van de RSZ.Het Sociaal Fonds voor de Podiumkunsten van de Vlaamse Gemeenschap (SFP) is de inrichter van dit sectoraal pensioenplan en onderschreef daarvoor een groepsverzekering (van het type “TAK 21”) met Ethias. Werkgevers die betere pensioencondities aanbieden kunnen vrijgesteld worden van dit sectoraal fonds.
Bijkomend aanvullend pensioen voor kunstenaarsMet ingang van 1 januari 2008 werd voor kunstenaars die werken voor structureel gesubsidieerde organisaties (die als dusdanig zijn aangegeven bij de RSZ - code 46) een bijkomende premie ingevoerd. Deze premie varieert naargelang de leeftijd : hoe ouder de kunstenaar, hoe hoger de premie. Op 12 december 2008 maakte de Vlaamse regering daarvoor € 500.000 vrij. Dit budget werd toegevoegd aan het bestaande sectoraal plan voor aanvullend pensioen, beheerd door het SFP. De bijdrage van de Vlaamse Regering wordt jaarlijks vastgelegd.
Meer informatie vind je verder op onze site, of kan je verkrijgen bij Maarten Bresseleers 02 201 30 03 (Sociaal Fonds Podiumkunsten) of Peter Vinck 0478 98 02 39 (Ethias verzekeringen).