Wat houdt intimiteitscoördinatie concreet in binnen de dagelijkse praktijk van de podiumkunsten?
Philine: Het eerste wat ik zou zeggen, is dat ons werk niet pas in de repetitieruimte begint!
Melina: Ja, precies! Een belangrijk deel van intimiteitscoördinatie gebeurt tijdens de voorbereiding. Idealiter worden we zo vroeg mogelijk bij een productie betrokken. We beginnen met gesprekken met de regisseur, vervolgens met de performers en met de andere mensen die betrokken zijn bij het maken en ondersteunen van de voorstelling.
Elk project is anders. Bij film verloopt het productieproces doorgaans volgens een meer gevestigde structuur, terwijl de creatieve processen en werkwijzen binnen de podiumkunsten enorm kunnen verschillen. Onze betrokkenheid hangt af van de aard en de omvang van het project, de artistieke visie en de specifieke mensen die eraan meewerken. Daarom is een tijdige voorbereiding zo belangrijk. We moeten de specifieke noden van elke productie begrijpen voordat we kunnen bepalen welke vorm van samenwerking of ondersteuning gepast is.
Philine: De podiumkunsten omvatten heel uiteenlopende disciplines, van theater en dans tot opera en circus. Soms maakt fysiek contact inherent deel uit van de discipline zelf. In andere gevallen ontstaat intimiteit vanuit het verhaal, de personages, de artistieke visie of de thema's die worden onderzocht. Elke discipline en elke kunstvorm vraagt om een eigen, genuanceerde aanpak.
We moeten ook verder kijken dan de repetitieruimte. De casting, de samenstelling van het artistieke team, de repetitieplanning, de productieomstandigheden en de organisatie van tournees kunnen allemaal relevant zijn. Het is nuttig om deze vragen vroeg in het proces te bekijken, in plaats van te wachten tot er moeilijkheden ontstaan.
De manier waarop een repetitieruimte is ingericht, de omstandigheden waarin performers zich omkleden of de praktische afspraken tijdens een tournee kunnen bijvoorbeeld allemaal invloed hebben op hoe mensen een productie ervaren. Soms kunnen kleine, praktische aanpassingen al een groot verschil maken.
Sommige regisseurs vrezen misschien dat een intimiteitscoördinator zich met hun artistieke visie zal bemoeien. Hoe benaderen jullie die samenwerking?
Philine: Sommige regisseurs staan er aanvankelijk sceptisch tegenover, vaak gewoon omdat ze de functie nog niet goed kennen. Daarom zijn voorbereiding en communicatie zo belangrijk.
We komen niet naar een repetitie om de regisseur tegen te spreken of improvisatie onmogelijk te maken. Idealiter hebben we vooraf al een werkrelatie opgebouwd en gesproken over de artistieke intenties en de praktische vragen die daarbij komen kijken.
Een performer kan bijvoorbeeld openstaan voor naaktheid, maar nog niet over voldoende informatie beschikken om een beslissing te nemen over de concrete invulling. Misschien is nog niet duidelijk welk kostuum er gebruikt zal worden, hoe de belichting eruitziet, hoe de scène wordt vormgegeven, hoe dicht het publiek zal zitten of met wie de performer op scène zal staan.
Voor mij is dat essentieel voor geïnformeerde toestemming: mensen moeten begrijpen wat er van hen gevraagd wordt en in welke context dat zal gebeuren.
In plaats van meteen een beslissing te verwachten, kunnen we het team helpen om die vragen stap voor stap te onderzoeken naarmate het creatieve proces vordert. Zo kunnen de betrokkenen keuzes maken op basis van meer informatie en duidelijkere verwachtingen. Voor mij is dat essentieel voor geïnformeerde toestemming: mensen moeten begrijpen wat er van hen gevraagd wordt en in welke context dat zal gebeuren.
Melina: Ja, ik zie mijn rol als het helpen realiseren van de artistieke visie, niet als het overnemen ervan. De eerste stap is begrijpen wat de regisseur wil creëren. Van daaruit kunnen we samen onderzoeken welke vorm van samenwerking het artistieke werk en de specifieke mensen die erbij betrokken zijn het best kan ondersteunen.
Sommige regisseurs voelen zich al heel comfortabel bij het regisseren van intiem materiaal. In dat geval bestaat mijn rol vooral uit het ondersteunen van de performers en de rest van het team. In andere situaties wil een regisseur misschien meer ondersteuning bij het ontwikkelen of choreograferen van een scène. Mijn betrokkenheid kan ook veranderen naarmate de samenwerking evolueert.
Ik heb al vaak meegemaakt dat onze betrokkenheid zowel regisseurs als performers de ruimte gaf om hun artistieke ideeën en interpretaties verder uit te diepen. Door tijdens de voorbereiding met ons samen te werken en te weten dat we mee een kader hebben uitgewerkt dat afgestemd is op de intieme inhoud, kunnen kunstenaars meer vertrouwen en ruimte krijgen om zich op hun creatieve werk te concentreren.
Wat kan de aanwezigheid van een intimiteitscoördinator betekenen voor performers?
Philine: Een belangrijk aspect is dat performers een extra mogelijkheid krijgen om hun vragen, ideeën, noden of bezorgdheden te uiten.
Soms wil een performer bepaalde zaken niet meteen met de hele groep bespreken, zeker aan het begin van een creatieproces. Een individueel gesprek kan dan een gelegenheid bieden om praktische noden of grenzen te benoemen en samen te bekijken hoe daarmee rekening kan worden gehouden.
Na verloop van tijd voelen performers zich misschien comfortabeler om rechtstreeks met hun collega's te communiceren. Maar dat proces verloopt voor iedereen anders, en we mogen er niet van uitgaan dat het op een bepaalde manier zal evolueren.
Soms zijn de oplossingen heel praktisch. Zo heb ik met een team gewerkt rond de indeling van de kleedkamers tijdens een tournee. In plaats van de kleedkamers automatisch volgens gender in te delen, hebben we besproken wat voor de performers zelf nuttig zou zijn. Uiteindelijk werd er een meer sociale kleedkamer en een rustigere kleedkamer voorzien, zodat mensen op een bepaalde dag konden kiezen wat het best bij hun noden aansloot.
Het is een klein voorbeeld, maar het toont hoe luisteren naar de betrokkenen kan leiden tot praktische afspraken die niet vertrekken vanuit veronderstellingen over wat mensen nodig hebben.
Een groot deel van ons werk bestaat uit vragen stellen: Wat heeft iemand nodig om volwaardig aan het artistieke proces deel te nemen? Welke informatie ontbreekt er misschien nog? Welke alternatieven kunnen zowel de artistieke visie als de individuele noden ondersteunen?
Melina: Door onze specifieke positie kunnen we een bijkomend communicatiekanaal bieden, zeker wanneer professionele hiërarchieën of persoonlijke relaties het voor iemand moeilijk maken om noden of grenzen aan te geven. We kunnen die machtsdynamieken niet wegnemen, maar we kunnen wel helpen om ermee om te gaan. Zelfs in de meest zorgvuldige creatieve processen vinden performers het soms fijn om iets te kunnen vragen zonder dat iedereen daarvan op de hoogte moet zijn of zonder hun redenen aan iedereen te moeten uitleggen.
Een groot deel van ons werk bestaat uit vragen stellen: Wat heeft iemand nodig om volwaardig aan het artistieke proces deel te nemen? Welke informatie ontbreekt er misschien nog? Welke alternatieven kunnen zowel de artistieke visie als de individuele noden ondersteunen?
Die vragen kunnen tijdens een creatieproces evolueren, naarmate performers nieuwe noden of mogelijkheden ontdekken. Voor mij draait intimiteitscoördinatie voor een groot deel om het faciliteren van die voortdurende dialoog tussen het collectieve artistieke proces en de individuele ervaringen van de betrokkenen.
over Philine Janssens
Philine Janssens (zij/haar) begon haar carrière jaren geleden als professionele danseres bij de meest gerenommeerde operahuizen en dansgezelschappen. Uit eigen ervaring weet ze hoe naaktheid en je blootgeven voelen. Als professioneel choreograaf en movement coach is ze een echt 'mensenmens' die weet hoe ze een productie kan begeleiden, coachen en verrijken. Deze combinatie van vaardigheden en ervaringen bracht haar naadloos naar haar huidige rol als intimiteitscoördinator (IC).
over Melina Stinson
Melina Stinson is een Canadese die woont en werkt tussen Tiohtià:ke/Montreal en Brussel. Sinds 2009 is zij professioneel actief als danser, maker, performer en docent. Sinds 2016 onderzoekt zij de vraag naar handelingsvermogen (agency) binnen de dans. De praktijken die zij sindsdien heeft ontwikkeld, deelt zij nu met andere mensen die creëren, optreden en bewegen.
Jullie hebben allebei een achtergrond als performer. Hoe beïnvloedt die ervaring jullie werk?
Philine: Doordat ik zelf jaren op scène heb gestaan, begrijp ik vanuit mijn eigen ervaring veel van de praktische omstandigheden waarmee performers te maken krijgen: repetities, snelle kostuumwissels, kostuumafdelingen, technische vereisten, tournees en de intensiteit van het langdurig samenwerken binnen een groep.
Die ervaring helpt me in de communicatie met zowel performers als productieteams. Ik herken veel van de praktische situaties waarmee ze geconfronteerd worden.
Ze helpt me ook om aandacht te hebben voor details die gemakkelijk over het hoofd worden gezien. Wat gebeurt er achter de schermen? Wat heeft een performer nodig tijdens een snelle kostuumwissel? Hoe werken de afspraken die tijdens de repetities zijn gemaakt wanneer de voorstelling op tournee gaat? Zulke praktische vragen kunnen even relevant zijn als wat er op scène gebeurt.
Melina: Mijn achtergrond als danseres heeft een grote invloed op mijn werk als intimiteitscoördinator. Die ervaring helpt me om zowel de complexiteit van het creatieve proces als de intensiteit van het performen te begrijpen.
Ik weet hoe snel de tijd voorbijgaat en hoe moeilijk het soms kan zijn om tijdens een repetitie of op scène te communiceren wat je nodig hebt, of zelfs om je bewust te zijn van die noden. Het faciliteren van die communicatie en het ondersteunen van de omstandigheden waarin artistieke keuzes onderzocht kunnen worden, blijven centraal staan in mijn huidige werk.
Jullie organiseren een lab voor het Sociaal Fonds Podiumkunsten. Wat mogen deelnemende teams verwachten?
Philine: Het belangrijkste is dat dit een lab is, geen theoretische cursus over intimiteitscoördinatie en ook geen opleiding om zelf intimiteitscoördinator te worden.
Het is een praktijkgerichte gelegenheid voor artistieke teams om hun eigen projecten en vragen mee te brengen. We willen begrijpen waaraan ze werken, wat ze nodig hebben en met welke uitdagingen ze te maken krijgen.
Ook de uitwisseling tussen de deelnemende teams maakt deel uit van het proces. Door kennis te maken met verschillende artistieke benaderingen en samen praktische vragen te bespreken, kunnen ze van elkaar leren.
Het is ook de bedoeling om een opvolgmoment aan te bieden met een van ons, waarbij we specifieker kunnen ingaan op elk deelnemend project. Afhankelijk van de noden van het project kan dat betekenen dat we het gesprek met het team voortzetten of hun repetitieproces van dichterbij bekijken.
Melina: We vertrekken vanuit de projecten zelf. Welke intieme inhoud komt erin voor? In welke fase van het creatieproces bevindt het team zich? Welke vragen of uitdagingen zijn er al?
Van daaruit gaan we aan de slag met de vragen en situaties die uit hun projecten naar voren komen, op dezelfde manier als we dat in onze praktijk als intimiteitscoördinatoren zouden doen. Samen onderzoeken we mogelijke benaderingen en praktische oplossingen.
Het is de bedoeling dat deelnemers kunnen ervaren hoe een samenwerking met een intimiteitscoördinator er voor hun specifieke project zou kunnen uitzien. Hoe concreter het project dat ze meebrengen, hoe gerichter we met hun vragen aan de slag kunnen.
safer stage, wilder art - intimacy coordination lab
Werk je aan een productie met intimiteit, naaktheid, seksualiteit of expliciete content?
Bevind je je aan het einde van het schrijfproces, ben je al op tournee, of zit je ergens ertussen?
Neem dan op 10 december deel aan ons gratis eendaags lab voor podiumkunsten met advies en workshopping over je project. Na het lab krijg je nog een halve dag extra feedback op maat voor jouw organisatie.
Voor wie is het lab bedoeld?
Philine: We willen vooral mensen verwelkomen die actief betrokken zijn bij het vormgeven van een project: regisseurs, choreografen, producenten en andere leden van het artistieke kernteam.
De focus ligt op het project en op de manier waarop het team het creatieve proces organiseert, eerder dan op het afzonderlijk behandelen van iemands persoonlijke situatie.
Dat kan gaan over gevoelige thema's, naaktheid of fysiek contact, maar evengoed over persoonlijk of autobiografisch materiaal, of andere vormen van intimiteit die specifiek zijn voor de artistieke context.
Melina: Het kan gaan om een team uit eender welke podiumkunstendiscipline dat werkt met intieme inhoud of met situaties waarin sprake is van verhoogde blootstelling of kwetsbaarheid.
Dat kan gaan over gevoelige thema's, naaktheid of fysiek contact, maar evengoed over persoonlijk of autobiografisch materiaal, of andere vormen van intimiteit die specifiek zijn voor de artistieke context.
Het kan bijvoorbeeld gaan om drie goede vrienden en collega's die samen een heel persoonlijk trio maken en daarbij verschillende rollen combineren. Ze staan zelf in voor alles, van de creatie en de uitvoering tot de kostuums en de tournees. Maar het kan evengoed gaan om een grotere productie waarin naaktheid of andere vormen van lichamelijke blootstelling worden onderzocht.
Het kan ook een project zijn waarbij nauw contact met of participatie van het publiek een rol speelt, en waarbij vragen over nabijheid, verwachtingen en keuzevrijheid deel uitmaken van het artistieke proces.
Het belangrijkste is dat de deelnemers een concreet project hebben, of dat nu al in repetitie is of nog in voorbereiding, en willen onderzoeken hoe intimiteitscoördinatie hun werk kan ondersteunen.
Waarom is dit lab net nu relevant?
Philine: Intimiteitscoördinatie is binnen de podiumkunsten in België nog relatief nieuw. In tegenstelling tot sommige filmproducties is er niet altijd een specifiek budget voorzien voor dit soort ondersteuning.
Het lab biedt teams de kans om kennis te maken met de praktijk en te onderzoeken wat die voor hun werk kan betekenen, zonder dat ze zelf meteen een volledig traject met een intimiteitscoördinator moeten organiseren.
Het is ook een gelegenheid om te ontdekken dat intimiteitscoördinatie niet noodzakelijk betekent dat er een hele reeks ingewikkelde procedures moet worden ingevoerd. Soms begint het werk met heel concrete vragen over communicatie, repetities, productieafspraken of tournees.
Melina: Zoals Philine al zei, staat onze samenwerking met kunstenaars in de podiumkunsten in België nog volop in ontwikkeling. Daarom werkt de uitwisseling tijdens het lab in twee richtingen. Wij zullen ook leren van de vragen en ervaringen van de kunstenaars met wie we samenwerken.
Uiteindelijk is intimiteitscoördinatie een praktijk van samenwerking. Het gaat erom artistieke intenties te ondersteunen, met aandacht voor de autonomie, noden en keuzes van de mensen die mee vormgeven aan die intenties.
Via dit lab kunnen we samen bijdragen aan de verdere ontwikkeling van intimiteitscoördinatie binnen de podiumkunsten.



